| home | boat | crew | contact | translate site
 

voorbereiding

planning

projecten

links/foto's

wensenlijst

de route

logboek/pech

zeilen vertrekkers

  Panoramix wereldreis | logboek

Grenadines  april 2011:

Op 1 april zijn we aangekomen op Union Island na een nacht zeilen. Inklaren gebeurt op een klein vliegveldje vlak naast het strand. Zoals gebruikelijk ook hier weer veel formulieren invullen met carbonpapier. Na vele stempels en hand- tekeningen nog even $ 45 betalen en klaar is kees.
We liggen aan een mooring in Clifton Bay en er staat een flinke wind. Zoveel zelfs dat we de watermaker aan kunnen zetten zonder dat het stroom kost.
   
Er staat een klein beetje deining in de baai. Een mooie gelegenheid om ons anti-slinger apparaat uit te proberen. We zetten de giek buitenboord met het zeeanker eraan. En inderdaad houdt het schommelen op! Door de beweging in één richting te stoppen, is het ritme voldoende verstoord zodat we rustig liggen. Het dorpje is piepklein, maar het is vol winkeltjes, restaurants, bars en groentestalletjes. Hier geldt dan ook: Iedereen en zijn familie opent een "supermarkt". Verwacht niet dat de supermarkt vol met allerlei spullen staan die wij verwachten, maar al staan er een paar flesjes drinken, wat tomaten en snoepgoed is het een "supermarkt".
  
Na een dagje uitrusten en de zonnetent verbeterd te hebben, gaan we voor de lunch naar "Palm Island". De rijken der aarde boeken hier voor veel geld een vakantie. Wij arme sukkels zeilen een flink eind en gooien ons anker uit. We snorkelen even bij het rif, maar het is niet echt super. Na ons middagmaal varen we door naar de Tobago Cays. Dit is een kleine eilandengroep omringd door tal van gevaarlijke riffen. Via een slingerweg tussen de riffen door, gaan we net achter het "horseshoe reef" liggen. Bij aankomst zien we al gelijk een paar schilpadden rondzwemmen. Als we gaan snorkelen bij het rif zien we de prachtigste vissen, koralen, sponzen, zeesterren en nog veel meer. Onderweg naar het rif zwemmen we nog tussen 3 schilpadden die gelukkig niet al te bang voor ons zijn en gracieus een stukje meezwemmen.
       
Even later zwemt er een grote rog onder ons door begeleid door een mooie blauwgroene vis. Na een uur snorkelen in water van 28 graden bakken we lekkere pannenkoeken voor de lunch. Na zo'n zwempartij gaan die er in als gods woord in een ouderling. Bij ons schip hebben we een huisschilpad die de hele dag door her en der op duikt om even adem te halen. Ons anti-slinger apparaat werkt ook hier weer prima tegen het rollen. De windmolen levert zelfs genoeg energie om een brood te bakken in de broodbakmachine. 's Avonds koelt het echter zo ver af (27 gr) dat Paula haar spaanse sloffen aantrekt! Ja, de warmte went snel . De volgende dag varen we naar Mayreau, het kleinste eilandje van de Grenadines met 300 inwoners. In de pilot staat dat hier een kerkje is waar veel getrouwd wordt. En inderdaad is er een stel dat morgen gaat trouwen in het kerkje op de top van dit eiland. Vanaf de top (het kerkje dus) heb je een prachtig uitzicht over de omliggende riffen en eilandjes.
 
       Landschilpad op Mustique

Van Mayreau naar Mustique. Hier hebben beroemdheden als Mick Jagger, Tommy Hillfiger, David Bowie hun tweede huis. Het eiland ziet er dan ook veel beter georganiseerd uit. Het openbaar groen en de wegen en huizen zien er allemaal prima uit. Langs de weg zien we ook schildpadden lopen. In de baai ligt een superjacht naast ons met een helicopter op het achterdek. 's Ochtends horen we de helicopter opstijgen en gaat de eigenaar misschien ergens op koffievisite. Wij stappen in ons bijbootje en roeien naar de kant. De wandeling gaat naar Cotton Hill waar een luxe hotel aan het strand ligt. We drinken er een drankje en voelen ons even sterren.
   

De reis gaat verder naar het volgende eiland Bequia, dat uitgesproken wordt als Bek-wee. Na twee dagen in de baai bij Port Elizabeth, met ook weer mooi snorkelwater, gaan we verder naar St. Vincent. De eerste nacht liggen we bij een klein dorpje die geen yachties gewend zijn, maar we worden zeer gastvrij ontvangen. Binnen een kwartier komen er een stuk of 5 jongetjes naar ons toegezwommen want ze zijn wel erg nieuwsgierig hoe zo'n grote boot er nu uitziet. Brutaal als ze zijn willen ze meteen aan boord klimmen, maar dat hebben we maar wijselijk verboden. Als we 's middags door het dorp wandelen, weet iedereen dat wij van "die witte boot" komen. De mensen zijn erg hartelijk. De meeste huisjes zijn niet groter dan een slaapkamer, ong. 10 vierkante meter, maar ze blijven lachen.
  

Daarna trekken we door naar de Wallilabou Bay. Al ruim voor aankomst worden we opgewacht door een bootboy. Hij probeert ons aan een ligboei te krijgen maar we vertellen hem dat we willen ankeren. Bij het ankeren in deze baai moet je wel een lange lijn naar het strand uitbrengen om goed te liggen. De bootboy biedt nu zijn diensten aan als lijnvastbinder. Hij vraag $ 10 EC (2,50 euro) voor deze dienst. Ik bied hem $ 5 EC met de mededeling dat ik hem een gunst verleen en dat ik anders zelf in mijn dinghy stap om naar het strand te gaan. De jongen samen met zijn vriendje besluiten de geboden $ 5 EC toch maar aan te nemen zodra ik mijn voeten richting de dinghy zet. Ze knopen onze lijn aan een palmboom en komen hun verdienste tevreden ophalen. Later lees ik in de pilot (uit 1991) dat een bootboy wel voor $ 5 EC een lijn aan een boom wil binden.

We liggen hier op de filmset van "Pirates of the Caribbean". Disney is hier 6 maanden actief geweest met decors bouwen. Het hele havenfront uit de film staat er nog. De locals hebben zelf een achterkant aan het decor gebouwd en er zit nu een restaurant-bar in.
    
We gaan nog een dagje naar Kingstown met een lokale bus. In de bus zit een jongen die als taak heeft om passagiers te werven en vervolgens te stouwen. In de bus staat de muziek keihard aan, maar geen van de passagiers lijkt zich daar aan te storen. Het hulpje zingt lustig mee met de dreunende songs. Als we weer terug willen naar de boot, staat het zelfde busje er. Het hulpje merkt ons direkt op en loodst ons weer naar de disco op wielen.
In een van de decorstukken aan de haven zit ook de douane gevestigd. Zij zijn de moderne piraten, want we moeten nog $ 35 EC betalen om het land te mogen verlaten. De baai is prachtig om te snorkelen en we zien weer allerlei bont gekleurde vissen bij de rotsen en het rif.
 

Dinsdag 12 april vertrekken we naar St. Lucia.


<< terug                       logboek        volgende >>



Stempel Panoramix.