| home | boat | crew | contact | translate site
 

voorbereiding

planning

projecten

links/foto's

wensenlijst

de route

logboek/pech

zeilen vertrekkers

  Panoramix wereldreis | logboek

Guatamala april 2013:

We zeilen met volle maan door de nacht naar Guatamala. De wind duwt ons voort en de zee is kalm, waardoor we goed kunnen slapen. De radar houdt de wacht, maar ziet de hele nacht geen scheepvaart. Volgens de getijde tabellen is het 's ochtends om 08:52 u. springtij en staat er 2 voet ( 60 cm) extra water. Zoals elke rivier heeft ook de Rio Dulce een drempel opgeworpen op het punt waar de rivier de zee in stroomt. Op deze drempel staat 5 voet water, dus nu plus 2 voet is 7 voet water. Er blijft voor de Panoramix dan nog halve voet (15 cm) water over tussen de onderkant en de rivierbodem. We zijn precies op tijd bij de riviermonding en we varen langzaam de drempel op. De dieptemeter begint af te tellen. Eerst nog een meter water onder de kiel, dan 50 cm, 40, 30, 20. Dat gaat goed zo, maar dan nog maar 10 cm en ook eventjes nul. Oeps.., als dat maar goed gaat. Over een afstand van zo'n 300 meter gaat de dieptemeter telkens van 10 naar 0, naar 10, naar 20, naar 10 cm. We raken geen enkele keer de grond en komen bij het plaatsje Livingston net achter de drempel weer in dieper water. Hier moeten we inklaren en er liggen nog 6 schepen met de gele douane vlag. Als we naar zee kijken zien we dat er een jacht met behulp van een bootje schuin getrokken wordt en zo over de drempel wordt gesleept. Gelukkig was dat bij ons niet nodig, scheelt weer $ 50 sleepkosten.

  
 Deze meneer past op ons bootje.         Hier doen de vrouwen hun was.

Al snel komt er een bootje met de douane naar ons toe. Het inklaren gaat vrij snel en kost $ 180 met behulp van een agent 'Raul' van de firma Servimar. We moeten geld pinnen maar de automaten lusten onze pasjes niet. Dan maar naar de bank waar ik met de creditcard geld kan opnemen.Als we binnenkomen staat er een enorme rij en we besluiten later terug te komen. We gaan eerst terug naar Raul en vertellen hem dat we te weinig quetzals hebben en dat er heel veel mensen bij de bank waren voor bankzaken. Hij pleegt een telefoontje en we kunnen terug naar de bank waar we meteen geholpen worden.Je mag maar maximaal $ 200 opnemen en zo rest ons nog $ 20 (is 150 Quetzal). Achter het plafond heb ik nog $ 100 cash wat we nu ook maar omwisselen, zodat we in ieder geval even rond kunnen komen. Na een drankje en wat kleine boodschappen gaan we verder de rivier op. Je vaart door hoge steile wanden en de rivier slingert alle kanten op.

 

Door die hoge bergen worden ook de orkanen tegen gehouden, waardoor de Rio Dulce een orkaanveilig gebied is. Als we door de gorges heen zijn, zien we een Nederlandse vlag aan een alluminium boot wapperen. Het zijn Dick en Petra op hun Sally Lightfoot, die we twee jaar eerder ontmoet hebben in Rubicon op Lanzarote. Met hen verkennen we alle kleine riviertjes, Maya (indianen)dorpjes en gaan we naar de heetwater bronnen. Dick en Petra hebben dezelfde dinghy als wij, maar dan nog een zeiluitrusting erbij. Het waait lekker en we crossen over de wijde rivier met het bootje.

  
 We ontmoeten de Sally Lightfoot.        Zeilen op de Rio Dulce.

De dagen erna is er bijna geen wind. De lucht is 35 graden, het rivierwater is 34 graden en de luchtvochtigheid bijna 100% We zweten als otters en de ventilators in de boot maken overuren. In een kleine baai aan het meer 'El Golfete' gaan we met Dick en Petra uit eten in een lokaal restaurant dat nog maar net geopend is. Regelmatig komen er Maya indianen bij de boot langs. De kinderen voor een snoepje en de ouderen voor fruit of andere etenswaar.

  
 Maya hutjes langs de oever.                Kindertjes in een wrak bootje.

We gaan met ons bijbootje Idefix de omgeving verkennen. We gaan bij de bewoners langs die aan de oever hun hutje hebben. Er zijn zelfs vakantie resorts met allemaal appartementen op palen in de mangrove. Het is er allemaal even prachtig. Op de kleine zijriviertjes komen we van alles tegen. Mooie waterlelies, libelles, allerlei bomen en planten. Je vaart hier echt door het oerwoud onder overhangende takken. Af en toe moet je langs omgevallen bomen en takken in het water heen manouvreren.

 
 Deze mooie sprinkhaan van een centimer of 10 kwamen we tegen.

Hierna scheiden onze wegen. Wij gaan door naar Fronteras en Dick en Petra blijven nog wat rondtoeren. Fronteras is het grote marina gebied. Hier zitten wel zo'n 15-20 kleine marina's waar je de boot tijdens het hurricane seizoen veilig kunt achterlaten. Wij hebben een voordelige marina geboekt, maar willen ook wel even bij al die anderen kijken. Zo gaan we eerst een paar dagen naar Mario's. Dit schijnt de beste marina te zijn (ook de duurste) waar veel Amerikanen liggen. En waar Amerikanen zijn wordt er veel georganiseerd. Dus een radionet, happy hour, volleybal wedstrijd, BBQ avond, zwembad, tripjes en veel meer. Als we 's middags aan de steiger liggen gaan we meteen op zoek naar het zwembad en ja hoor, plons, bibber, bibber en we zijn meteen afgekoeld. Het water van het zwembad wordt koel gehouden door vers bronwater, waardoor het aangenaam zwemmen is.

We gaan naar Isla Xalaja waar we een plaats besproken hebben tot november. Deze marina ligt op een eiland net naast het dorp en heeft 12 plaatsen voor boten. Je krijgt hier dus persoonlijke aandacht. Na twee dagen gaan we op weg voor onze eerste landreis door Guatamala.

 
 De tempel van de grote jaguar in Tikal.

We gaan eerst naar het noorden, waar de grootste antieke Maya stad ligt. Lees hier meer over de Maya's en hier over de Mayacultuur. De luxe bus 'linea Dorade' rijdt ons in 4 uur tijd naar Flores. Hier hebben we een hotel met zwembad geboekt voor weinig geld. De volgende morgen rijden we met een shuttle bus in een uur tijd naar Tikal, de Maya ruines. We zijn al om 7 uur vertrokken om de ergste hitte overdag te vermijden. Tikal ligt midden in de jungle en onderweg zien en horen we een groep brulapen.

 
 De brulapen schreeuwen flink hoog in de toppen.

Op het grote plein staan twee piramide tempels met hun kenmerkende dakkap en steile trappen tegenover elkaar. Het grote vlakke veld er tussen lijkt wel van een stadion zo groot. Aan de twee andere zijden staan de noord- en zuid acropolis.

 
 Manshoog Mayabeeld in de noord Acropolis.

Het is een flinke stad geweest en we lopen heel wat uren rond. Het is intussen al flink opgewarmd als we bij de hoogste tempel aankomen. Met veel gepuf bereiken we de top en kijken zo over de uitgestrekte jungle uit.

 
 De Grand Plaza vanaf de zuid Acropolis gezien.

Bij een tempel zien we foto's van voor en na de restauratie. Eerst was de hele boel overwoekerd compleet met 100 jarige woudreuzen en nauwelijks herkenbaar. Dan na ijverig uitgraven komt de tempel piramide tevoorschijn.

 
 Nog een grote tempel met Paula op de voorgrond.

Na een dag flink wandelen en zweten komen we uitgeput terug in het hotel. Lang kunnen we echter niet rusten, want we hebben alweer een excursie voor de volgende dag geboekt. We gaan eerst met de auto en dan met een lancha (is een snel bootje voor op de rivier). De tocht over de rivier duurt anderhalf uur. Aguateca is uitsluitend over water te bereiken. Onze chauffeur komt 20 minuten te laat voorrijden. Hij heeft problemen met het koelwater van zijn pickup truck. We stoppen om het kwartier om het koelwater aan te vullen. Onderweg steken we nog een andere rivier over met een pont. De pont wordt op een bijzondere wijze aangedreven.

 
 De pontbaas zit in een ronde draaibare badkuip en bestuurt zo de pont.

Bij de lancha aangekomen, vertrekken we direkt. Eerst is de rivier breed en lijkt het een makkelijke tocht te worden. Maar na 5 minuten slaan we linksaf een smal en ondiepe zijrivier in. Paula en Pim gaan voorop de punt zitten om de buiten- boordmotor wat hoger uit het water te houden. Desondanks raken we de bodem een paar maal. Ook slaat de motor voortdurend af, maar gelukkig krijgt de schipper hem na flink wat rukken aan het startkoord en geknijp in de brandstof- pomp weer aan de gang. Na een paar honderd meter wordt het riviertje weer dieper en kunnen we vol gas. Op een gegeven moment gaan we langzamer varen, terwijl de schipper nog steeds vol gas geeft. Ik zie de bodem op zo'n 20 centimer. Langzaam maar zeker lopen we vast en de motor slaat weer eens af. De man kijkt een beetje wanhopig, maar is vastbesloten om zijn bootje over de ondiepte te varen. De motor wordt een beetje opgetild en wij gaan weer op de punt zitten. Het bootje is nu net vrij van de bodem en zo gaan we nog 400 meter al schuivend door zand en keien verder. Dan wordt het dieper en gaat het gas er weer op. Ineens stuurt de man rechtsaf waar ik niets zie, maar waar een heel smal watertje (5 meter breed) blijkt te zijn. We racen er doorheen en de vogels vliegen verschrikt op. We raken een paar keer keien en boomstammen, maar het gas blijft erop en de motor blijft wonder boven wonder heel.


We komen aan bij Aguateca, een antieke Maya nederzetting aan de rand van de jungle. We worden rondgeleid door een spaanstalige gids. Eerst een hele voettocht door de jungle en dan komen we bij de tempels.

 
 Mooie Maya zuil met beeltenis voor een van de tempels.

Het is een mooie tocht en je waant je Indiana Jones bij het zien van de overwoekerde tempels. Deze plaats is echt buiten de gebaande paden en maar weinig bezoekers komen hier. Deze week zijn er al zes geweest.

  
 Deze tempel is half overwoekerd.       Hier lopen we door een diepe kloof.

Het nadeel van deze plek is dat er totaal geen voorzieningen zijn. Dus geen stalletje met koele frisdranken of zo. Gelukkig hebben we zelf een flesje water meegenomen en de wandeling cq. klim, van 2 uur is zeker de moeite waard. Met de zelfde problemen en oplossingen varen en rijden we weer terug naar ons hotel in Flores. We nemen een koele duik in het zwembad en gaan 's avonds heerlijk uit eten in een van de beste restaurants. Dat kan hier makkelijk want de prijzen zijn erg laag (uit eten € 18 met zijn tweeen).

Op zaterdag 11 mei vertrekken we vanuit Flores naar Coban voor een bezoek aan Semuc Champey. We hebben een mooi hotel geboekt midden in het centrum. Als het busje komt om ons naar Coban te brengen, zegt de chauffeur doodleuk dat wij de enige passagiers zijn en dat hij niet rijdt. Pim vraagt wat het kost om hem toch te laten rijden. Voor € 50 extra gaan we dan toch. Anders had het ons een extra hotelnacht gekost en het hotel in Coban was ook al betaald. Zo kiezen we dus eieren voor ons geld. De rit duurt 5 uur en om acht uur 's avonds komen we in het donker aan. De chauffeur is een echte zakenman, want hij vraagt naar onze plannen en weet te melden dat deze excursie de volgende morgen om 8 uur vertrekt. We rekenen gelijk € 90 met hem af zodat we dat ook weer geregeld hebben. De volgende morgen staat de bus inderdaad om 8 uur op de stoep. De bus haalt nog bij andere hotels gasten op en dan vertrekken we. Het laatste stuk gaat over onverharde bergwegen waarbij de bus uit elkaar lijkt te trillen. Af en toe maakt de bus een klap dat je denkt dat er nu toch wel ergens wat gebroken moet zijn.

 
 Een deel van rivier stroomt onderlangs een vijftal poelen.

Semuc Champey is bekend doordat de rivier Cahabon hier onder een 300 meter lange limestone brug stroomt. Bovenop zijn er vijf grote poelen waar een deel van het rivierwater doorheen stroomt. Hier kun je heerlijk zwemmen en zijn er natuurlijke glijbaantjes van de ene naar de andere poel.

  
 Heerlijk zwemmen in een van de poelen. Hier gaat de rivier ondergronds.

We maken nog een mooie wandeling door de jungle. Het blijkt dat we een volledige tour geboekt hebben en we krijgen een lunchpakket uitgereikt. Dat komt mooi uit want er is hier verder niet zo veel. Een groepje van 5 fransen heeft geen lunch en zijn ook nog eens hun zwemkleding vergeten. We hebben nu ook nog een bezichtiging van een grot (inclusief) van een uur. Op de terugweg staan we ineens in een file van drie auto's op de berg. Er is een schoolbus vastgeraakt op een T-splitsing.

 
 De achterkant staat op de grond en de achterwielen zweven.

Er is een grote krik waarmee de achteras opgekrikt kan worden. Met een pickup truck wordt er bij een dorpje even verderop vier grote brede balken gehaald om onder de wielen te stoppen. Met nog even een flinke duw van Pim rijdt de bus nu achteruit de weg op en kan iedereen weer verder.

Terug in Coban is het al weer donker en gaan we maar snel ergens lekker eten. We blijven nog een dag hier, maar gaan wel naar een ander hotel. We vinden er een in het centrum met betere bedden en kussens voor slechts € 11. We slapen lekker uit en gaan Coban verkennen. Veel winkels en bedrijven schilderen zelf een plaatje op de muur voor reclame.

 
 Zo heb je gelijk een indruk van de te leveren dienst.

Er is een levendige markt met van alles en nog wat. Het is mango tijd en er liggen echt hele bergen met mango's. Er is een kledingwinkel met kinderjurkjes voor € 0,30. Een andere zaak verkoopt spijkerbroeken voor € 1,50. Wel zijn ze versleten en met gaten erin, maar dat schijnt mode te zijn.

 
 Bij dit kraampje verkopen ze mango's zo groot als meloenen.

Tijdens de terugrit met de zogenaamde kippenbus (dit is een bus voor de gewone man die van alles meeneemt), stapt er een rare snoeshaan in met gitaar. Het blijkt een zendeling te zijn. Eerst krijgen we een preek over Jesus Cristo en dan neemt de zingende pater (nee, niet Frater Venantius) zijn gitaar ter hand en steekt van wal.


Na een half uur houd de man eindelijk op en verlaat de bus. Onderweg stappen er steeds meer mensen in totdat het hele gangpad volstaat en de mensen half uit de deur hangen. Het is een stoffige, hobbelige rit over onverharde bergwegen. Onze nieren trillen er zowat uit. Na ruim 5 uur komen we aan in het dorpje El Estor. Hier moeten we nog even zoeken naar een busje voor het laatste stukje naar onze boot in de Rio Dulce. We treffen een mooi busje en we zijn met maar enkele passagiers. We zitten voorin naast de chauffeur die graag een praatje wil maken. Al babbelend zijn we na een uur terug op de boot.

<< terug                       logboek              volgende >>



Stempel Panoramix.