| home | boat | crew | contact | translate site
 

voorbereiding

planning

projecten

links/foto's

wensenlijst

de route

logboek/pech

zeilen vertrekkers

  Panoramix wereldreis | logboek

USA maart 2014:

We zijn op weg naar het nationale park Death Valley. We moeten door bergachtig terrein en maken soms mijlen achter elkaar een daling of stijging van 6%. De motor moet dan hard werken en ik stel mij dan een draaikolk in de tank voor. Vanaf 1849 trokken goudzoekers op weg naar Californie door deze vallei en dachten zo een stukje af te kunnen snijden. De vallei is slechts 26 km breed en het lijkt een 'piece of cake' (makkie) om over te kunnen steken. Deze vallei heeft echter het wereldrecord van de heetste plek op aarde (57 gr Celcius in de schaduw) en zo kwam niet iedereen levend aan.

 
 Met de auto rij je lachend door de dodenvallei Death Valley.

De huisaccu laadt niet zo geweldig goed op tijdens het rijden en we willen graag een 'hookup' (dit is een plek met een aansluiting voor electriciteit en water op de camping) voor de nacht. Bij de camping in Stovepipe Wells aangekomen zijn de 10 plekken met elektra aansluiting al vergeven. Er is nog één plaats onbezet en we parkeren daar zolang totdat de recht- matige campinggast op komt dagen. We maken een praatje met de buren en leggen ons probleem uit. Een Canadees 'Mike' nodigt ons uit om vlak naast zijn enorme truck te staan. Hij regelt een verlengsnoer en zo staan we samen op 1 plek met stroom.

 
 We delen de elektra aansluiting met onze Canadese buur.

Een andere buurman heeft een tijdje in Nijmegen gewerkt en vind het wel leuk om weer eens Nederlanders te ontmoeten. Uiteindelijk eindigt het in een gezamelijke BBQ waarbij Mike voor gepofte aardappels en asperges zorgt. Wij trakteren op wijn en nemen onze eigen spareribs mee. De volgende morgen gaan we enkele wandelingen maken door het gebied. De temperatuur is nu aangenaam zomers, veel beter dan de kou een paar dagen geleden hoog in de bergen.

 
 Onze eerste wandeling gaat door een heel kleurrijk gebied.

Hier in de vallei bevindt zich het diepste punt van Noord Amerika, lager nog dan de Haarlemmermeer, namelijk 282 voet ofwel 85 meter beneden zeeniveau. Het heet Badwater Basin, en dan niet op zijn Nederlands badwater, maar slecht water. De paarden wilden er niet van drinken zo zout was het.

  
 Zoutvlakte op 85m onder zeeniveau. Door de wind ontstaan haren van zout.

Midden in de vallei bevinden zich zandduinen. Door de heersende winden waait al het zand naar deze plek en blijft dit duingebied gevangen in dit gedeelte. En zelfs hier is er leven. Er zijn vogels, hagedissen, slangen, ratjes en meer.

  
 Klein duingebied in Death Valley met J-vormig spoor van een ratelslang.

We blijven drie dagen in Death Valley, zo veel is er te zien. Er is hier in de vorige eeuw mijnbouw gedaan door de Borax company. Door 20 ezels voor een paar wagens te spannen, werd het spul uit de bergen gehaald. Er is een heel museum aan gewijd waar veel materiaal uit die tijd te zien is.

 
 We maken een mooie wandeling door Mosaic Valley.

Aan de noordkant van de vallei is een krater te zien die vrij recent is. Zo'n 2000 jaar geleden is deze geëxplodeerd doordat grondwater door het magma omgezet werd in stoom. Het resultaat is een pikzwart stuk in de woestijn en een diepe krater.

 
 Tja, die Amerikanen moet je echt voor alles waarschuwen.

Na drie dagen lekker opgewarmd te zijn, gaan we verder naar Las Vegas. Deze stad ligt midden in de woestijn en de enige reden dat het zo'n succes geworden is, komt vanwege de gok-industrie. Op de strip zit zelfs een RV-camping met helaas een bijbehorend prijsniveau. Vanaf de camping kunnen we zo de strip oplopen en de vele casino's gaan bekijken.

 
 Nagebouwd Venetie met gondelvaart bij het Venetian casino.

Het is natuurlijk veel kitsch, maar het is wel mooi gemaakt. Vooral de Venetian en Ceasars Palace zijn prachtig om te zien. We winnen zelfs $5 aan de roulettetafel en gaan daarmee eens flink de bloemetjes buiten zetten. Gelukkig kun je heel veel bekijken dat niets kost. In de avond is het helemaal mooi wandelen op de boulevard. Heel veel neon-lichten en grote videoschermen.

 
 Paula in Ceasars Palace onder een geschilderde blauwe hemel.

We gaan kijken bij de spuitende fonteinen op muziek bij de Belagio en naar de uitbarstende vulkaan bij de Mirage. Deze shows zijn op het hele- of halve uur te bewonderen. We blijven twee nachten in Vegas en dan nog komen we tijd te kort om de hele strip met al zijn casino's te bekijken. Ondertussen heeft de generator van onze camper kuren gekregen. Het begon met onregelmatig lopen en nu slaat hij willekeurig af. Het lijkt erop dat ie geen benzine krijgt. Dat kan een vuiltje in de carburateur zijn of de benzinetoevoer. Door wat te prutsen aan de brandstofpomp, lijkt het erop dat deze de problemen veroorzaakt. Ik bel wat rond voor een nieuwe pomp, maar deze heeft niemand op voorraad. En dan nog moet die pomp $180 kosten. De volgende dag koop ik een iets andere brandstofpomp voor $60. Met wat kleine aanpassingen lukt het om het ding te plaatsen en warempel alles werkt weer naar behoren. Gelukkig had ik van Jack een toolbox met wat gereedschap meegekregen, waardoor ik het zelf kon repareren.

 
 Net als bij een schip zijn er wel eens reparaties nodig.

Na Las Vegas gaan we naar de Hooverdam. Deze waterkracht centrale werd in 1930 gebouwd in de Colorado rivier. De dam moest de rivier temmen, na vele overstromingen en droogtes, en tevens stroom opwekken. Een groot struikelblok vormde het feit dat maar liefst 7 staten waterrechten hebben over de rivier. En moest de 'bill' drie keer door het congres voordat deze goedgekeurd werd. De helft van de bouwtijd werd besteed aan het maken van 4 tunnels om het rivierwater tijdens de bouw om te leiden. Nadat we door twee security checkpoints zijn gekomen, maken we een powerplant tour. Je komt zo helemaal onder in de dam waar je bovenop de enorme waterpijp staat die het water aanvoert voor de turbines. Je voelt het water door de pijp stromen, trillen en donderen. In de generatorhal staan 7 generatoren, waarvan er 6 in bedrijf zijn. Ondanks dat er een heleboel energie wordt opgewekt is er bijna geen lawaai. Dit is dus echt schone stroom, waarmee onder andere Las Vegas verlicht wordt.

  
 Heel veel beton om het water te om te leiden naar deze generatoren.

En dan gaan we een stukje over de oude route 66 richting Grand Canyon. Deze route 66 was in de vorige eeuw de manier om van Chicago naar Los Angeles te komen. In de 70-er jaren is deze weg vervangen door de Interstate 40. Bijna alle florerende bedrijfjes, tankstations en motels langs deze route gingen daardoor ter ziele. Er is nog een liedje over deze weg gemaakt met de tekst 'get your kicks on route 66'.

 
 Een oude benzinepomp aan de US66 met ditto auto's.

En dan komen we aan bij het meest bekende nationale park Grand Canyon. Het is hier inderdaad een stuk drukker met toeristen, waaronder veel Jappanners. Het hele park is ingericht op de enorme toeristenstroom die hier in de zomer ontstaat. Er zijn brede wandelpaden en gratis shuttle bussen. We gaan naar het bezoekerscentrum waar veel informatie over het park is. De Grand Canyon is een droom voor geologen, want de Colorado rivier heeft hier een sleuf van ruim 1,5 km diep uitgesleten. Daardoor zijn er aardlagen van een paar miljoen tot 2 miljard jaar oud zichtbaar. Voor de toerist is dat niet zo interessant, maar levert het kleurrijke plaatjes op. Het is al laat op de dag en zo kunnen we met de ondergaande zon de enorme kloof nog mooi bekijken.

 
 Uitzicht op de verschillende lagen in de aarde van de Grand Canyon.

We kamperen aan de zuidrand van de canyon op 2 kilometer hoogte. 's Nachts vriest het en de kachel doet weer flink zijn best om ons warm te houden. De volgende morgen schijnt de zon en kunnen we een wandeling langs de zuidrand van de canyon maken. We gaan met de parkbus naar het uiterste puntje en lopen dan een stuk terug. Het pad is geasfalteerd en ook voor rolstoelers toegankelijk. Je krijgt wel pijn in je nek, omdat je almaar een kant op de kloof inkijkt.

 
 De Colorado rivier lijkt hier net een stroom chocolademelk.

De gebroeders Kolb hadden in 1900 een fotostudio aan het begin van het pad naar beneden. Ze maakten ook een film over de Colorado rivier, waarvoor ze in twee jaar tijd in houten bootjes de rivier met stroomversnellingen afzakten. Zo konden ze wat extra verdienen aan de toeristen in hun filmzaal. Als je de film ziet, is het haast niet te geloven dat het avontuur goed is afgelopen. De fotostudio is nu een museum met fantastische foto's en films uit de begintijd.

 
 In de begintijd was er nog weinig gereguleerd voor de toeristen.

We blijven foto's maken, maar het probleem is dat het eigenlijk niet op een foto past. Het is gewoon te groot of je moet de foto kamerbreed projecteren. We verlaten het park en gaan op weg naar het volgende park 'Zion'. We rijden het stuk in twee dagen tijd en komen daarbij in het reservaat van de Navajo indianen terecht. Om de paar mijl staan er wel stalletjes langs de weg met handgemaakte sieraden en nog zo meer.

 
 De Navajo indianen wonen heel anders dan de Amerikanen.

Bij de Marble Canyon kunnen we eindelijk de Colorado rivier oversteken. Tot 1930 kon je hier in geen 1000 km de rivier over met de auto. Er was hier alleen een pontje. De Spaanse missionarissen hebben hier ook lange tijd gezocht naar een geschikte oversteekplaats om naar Californië te komen.

 
 Met zulke steile oevers was het moeilijk om aan de overkant te komen.

Als we net de brug over zijn, steekt er een kleine stofstorm op waardoor we nog maar enkele meters zicht hebben. Het fijne grind slaat tegen de camper en de voorruit. Gelukkig blijft alles heel en komt het zicht even later weer terug. We rijden verder langs de Vermillion Cliffs, overnachten in Kanab Utah, en gaan dan naar het nationale park Zion. De staat Utah is mormonenland en zo we zullen nog wel wat vaker bijbelse namen tegenkomen.

 
 Alle bergen zijn hier gestreept en gewelfd in zalmrose.

Als we het nationale park Zion binnenrijden, veranderd de hele omgeving in rode-, witte- en zalmrose kleuren. Ook het asfalt hebben ze heel toepasselijk rood gemaakt. Voor het eerst sinds ons vertrek treffen we de camping met hookups vol. We wijken uit naar een kampeerplaats in het bos zonder aansluiting op het lichtnet. Ons kacheltje verbruikt 's nachts zoveel stroom dat om 5 uur in de ochtend de accu leeg is. Paula vult onze kruiken opnieuw met warm water, zodat we nog een paar uurtjes kunnen slapen. Je mag de generator pas om 8 uur aanzetten en tot die tijd blijft het 8 graden in onze camper.

  
 Mooie slingerweg naar de Zion vallei met hele tamme eekhoorntjes.

De vallei van Zion is maar klein en het heeft nog even geduurd voordat een europeaan deze ontdekte. Eerst werd er nog in geboerd, maar al snel zag men er de toeristische waarde van in. Zelfs de Santa Fe spoorwegmaatschappij was bereid een spoorlijn aan te leggen voor de te verwachten toeristenstroom.

Mooie toegangsweg door het national park Zion.

Het blijft 's nachts erg koud en daarom zetten we de generator aan en warmen de tent een beetje op. Na een ontbijt met warme croissantjes maken we nog een wandeling en gaan dan door naar het volgende nationale park Bryce Canyon.

 
 Hier zijn de rode rotsen puntig gevormd met soms een hoedje erop.

Ook het nationale park Bryce Canyon is bekend door zijn vele vreemde rotsformaties in allerlei kleuren. Helaas ligt dit park op 2500 meter hoogte en is het dus berekoud. Voor de nacht voorspellen ze 8 graden vorst! Ditmaal bereiden we ons goed voor en gaan naar een camping met hookups.

 

Na een nacht met 10 graden vorst gaan we na het ontbijt nog een wandeling maken bij het Sunrise View pad. Je kunt er door de puntige rotsformaties lopen en na iedere bocht heb je weer een prachtig zicht op de rode rotsen. De rotsen zijn van een zacht gesteente dat je tussen je vingers kunt vermalen.

 

De erosie is hier dan ook volop aan de gang. Elk jaar verdwijnt er weer een stukje door regen, sneeuw en ijs. Na de wandeling rijden we verder over de UT12. Deze weg heeft de naam Scenic Byway en bestaat pas sinds 1987. Voor die tijd was het een karrespoor en moest je 200 mijl omrijden. Nou deze weg is zeker Scenic! We rijden een uur lang door prachtige gekleurde rotsformaties met af en toe wijdse panorama's. Bij een van de 'Scenic Views' komen we nog een Amerikaans stel tegen die met hun mintgroene retro Thunderbird cabriolet aan het toeren zijn. Ik vertel dat ik hier 40 jaar geleden in een Thunderbird uit 1957 met vleugels achterop reed, en zo hebben we een leuk gesprek. We komen aan bij het nationale park Capitol Reef. Dit park is bekend om zijn 100 mijl lange scheur in de aardkorst. Ook hier hier weer vele mooi gevormde rotsformaties in diverse kleuren.

  
 We parkeren veilig voor een wandeling naar indiaanse rotstekeningen.

Er was vroeger een kleine nederzetting van de mormonen die hier vee hielden en wat akkerbouw pleegden. Ze hadden een school met maar één lokaal, één juffrouw, 26 kinderen en 8 groepen. En toen al haalden de kinderen kattekwaad uit, door een slang op de stoel van de onderwijzeres te leggen.

 
 En in dit gebouw (school) kregen die mormels les.

Het park heeft maar één weg met uitzichtpunten en zo rijden we er binnen een dag doorheen. Dit gebied in Utah wemelt van de nationale parken die zich allemaal op het Colorado plateau bevinden. Toch heeft elk park weer heel andere dingen om te bekijken. Het park waar we nu naar toe gaan heet Arches. De naam zegt het al, het plateau is hier zodanig vervormd dat de rotsen de neiging hebben om boogjes te vormen. En dat levert tal van fraaie plaatjes op. Voor het eerst moeten we in de rij staan bij de toegang. We raken verder in het seizoen. Waar we eerst nog vaak alleen rond- liepen, moeten we nu langs de mensen zigzaggen.

 
 Landscape Arch moet de grootste natuurlijke brug zijn. (90 meter)

In 1991 is er een stuk rots van 150 ton omlaag gedonderd uit deze boog. Sindsdien mag je er niet meer onder lopen, want dat is dan ineens gevaarlijk?! De andere bogen in het park mag je gewoon onder staan, dat is dan kennelijk veilig.

  
 Het pad naar de dubbele O boog loopt over een drie meter brede richel.

Nadat we een aantal boogjes in het park bekeken hebben, er zijn er zo'n 2000, gaan we naar het dorp Moab. We over- nachten hier op een braakliggend terrein 2 blokken achter de hoofdstraat. Moab is zeer toeristisch, het schijnt het mekka te zijn voor terreinwagens, quads en nog veel meer. Vijftig kilometer hier vandaan is het nationale park Canyonlands. Hier kijk je naar de Colorado Rivier in een grote vlakte vol canyons.

 
 Hier geen gleuf zoals bij de Grand Canyon, maar een diepe grote vlakte.

We hebben ondertussen al zo veel canyons gezien, dat we een beetje overvoerd raken. Dit park hebben we in twee uur gedaan en we kamperen weer gratis op het zelfde veldje in Moab.

<< terug                       logboek              volgende >>



Stempel Panoramix.